| spotlight | ||||||||
|
|
|
|||||||
|
Op eigen kracht met bestaand talentBen Warner
Wie de tekenen des tijds niet verstaat, is gedoemd achterop te raken. De vraag naar welke kansen er voor Nederland liggen, komt - de aanleiding tot dit boek in aanmerking genomen - voort uit de behoefte aan nieuw elan, dat op zijn beurt een positief gerichte reactie is op gevoelens van ongenoegen. De vraag of dit ongenoegen een vermoeidheidsverschijnsel is van een oudere generatie, die de verworvenheden van de wederopbouw van Nederland na een halve eeuw met twee wereldoorlogen teloor ziet gaan kan misschien pas over enkele decennia goed worden beantwoord. Hiervoor is meer historisch perspectief nodig. Maar dat Nederland niet lekker in zijn vel zit, is een actuele constatering, die evenmin kan worden afgedaan met een verwijt terzake van ongefundeerd cultuurpessimisme.
Het is nogal wat als bij herhaling vanuit verschillende hoeken en door uiteenlopende deskundigen wordt aangegeven, dat de democratie te ver zou zijn doorgeschoten. De roep om leiderschap of de zogenaamde sterke man kan menigmaal worden gehoord en dat is opvallend in een land dat doorgaans wars is van macht en dictators vereenzelvigd met Satanszonen. De populariteit van de restauratie van normen en waarden groeit, hoewel het bouwbestek nog moet worden gemaakt. De verzuchtingen van het bedrijfsleven, groot en klein, over het ondraaglijke gewicht van regels en belastingen, zijn meer dan de klassieke afkeer van een bedillerige en veeleisende overheid. De erosie van industriële sectoren, de weglekkende ambachtelijke werkgelegenheid, het feit dat men beseft dat een kenniseconomie een onderliggende productie-economie veronderstelt, waaruit die kennis voortkomt en waarbinnen zij tegelijk weer wordt toegepast in verbeterende zin, de twijfel aan een spoedig welslagen van een multiculturele samenleving, die we niet kozen, maar die ons overkomt, deze en andere verschijnselen en uitingen infecteren het geloof in de toekomst. De politiek rept voortdurend zelf over gebrek aan geloofwaardigheid en een kloof tussen zichzelf en de burgerij en in de Europese Unie als hogere overheid stelt de Nederlandse gemeenschap ook geen onverdeeld vertrouwen.
|
||||||||












