| spotlight | |||
|
|
|
||
|
Op eigen kracht met bestaand talentBen Warner
Hoe krijgen we Nederland zo ver?
Afgezien van het particulier initiatief, dat altijd zijn weg wel zoekt, dient er op nationaal niveau een actief beleid worden gevoerd om de aanwezige krachten en talenten aan te spreken, mogelijkheden te bieden of te faciliteren. Een eerste aanzet is voldoende. Alom kan worden geconstateerd dat er animo voldoende. Sterker nog de markt, als we de particuliere sector zo mogen aanduiden, vraagt er om. Dat hebben we vaker gehoord, zult u denken. Wat is hier nieuw aan? Niets, maar is er geen andere weg. Geen enkeling en geen bedrijf kan de eigen overheid binnen de landsgrenzen passeren als deze zich opstelt als een berg in plaats van een poort. Het verschil ligt in een overheid die wil regelen en paternalisme uitstraalt of één die een inviterende attitude aanneemt. In een landsbestuur dat wel een belastingdienst kent, maar geen verlichtingsdienst. De overheid moet zijn lichaamstaal veranderen. Als procedures om eenmaal genomen besluiten om te zetten in daadwerkelijke projecten langer duren dan een regeringsperiode blijven we kampen met de handicap dat elke vier jaar of korter een opvolgende regering de klok weer terug kan draaien. Dat is geen regeren, maar zwalken. Het vertraagt, ontmoedigt en leidt tot ergernis. De procedures van overleg, inspraak en bezwaar moeten derhalve per definitie worden verkort tot minder dan twee jaar, inclusief alle hogere beroepen tot in de Europese rechtszalen toe.
In de communicatie kennen we de wetmatigheid, dat mensen tot verandering van gedrag zijn te bewegen via drie etappes: eerst is er kennis, dan aanpassing van houding, vervolgens verandering van gedrag. Dat kennis het ingangskanaal is, maakt dat veelal informatieverschaffing als voornaamste en beste startmiddel wordt gezien, als dwang en de constructie of organisatie van gedrag (engineering) niet in aanmerking komen. Welaan, dat is niet juist. Moderne inzichten in de werking van de kennis-gedragsrelatie in onze hersenen wijzen uit, dat nog steeds gedrag de sterkste bron van informatie voor mensen vormt en hen de kennis geeft, waarop ze vervolgens hun attitude en uiteindelijk gedrag in eerste aanleg baseren. Informatie in de vorm van taal heeft nog steeds een connotatie van manipulatie. In alle simpelheid geldt het adagium van “geen woorden maar daden.” De overheid en meer specifiek politici of leiders dienen dus niet in de eerste plaats met woorden en teksten de burger in beweging te krijgen, maar in voorbeeldgedrag de eerste kennismaking te gieten. Als projecten eindeloos duren aleer tot concrete uitvoering te komen is de lichaamstaal van de leidende overheid, dat zij zelf niet wil, verdeeld is, niet vooropgaat en de urgentie minder groot acht. Zeggen dat het allemaal eenvoudiger, doelmatiger en sneller kan of moet, maakt geen indruk. Van de noodzakelijke voorwaarden ontbreekt er eigenlijk op regeringsniveau maar één die de hele keten in beweging kan krijgen: het talent voor tempo.
Ben Warner Bijzondere Leerstoel Strategische Communicatie Universiteit van Amsterdam
Oktober 2005
pagina 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 reacties
|
|||












