U heeft een oude browser (d.i. bladerprogramma). Deze website is slechts geschikt voor de laatste generatie browsers. Update uw browser of gebruik een andere browser.
Logo
 
  spotlight

Bewegende Beelden Festival, 11 April 2010



Lees meer over Bewegende Beelden Festival, 11 April 2010

Boek Bewegende Beelden

Boek Bewegende Beelden

Lees meer over Boek Bewegende Beelden
 
We hebben het nog steeds!Ernst Jan Reitsma
 
groepArtikelenoverzicht
datum02 mrt 06 (update)
auteurErnst Jan Reitsma
gelezengelezen (5850)
reactiesreacties (1)

tekstgrootteaaa | AAA

Op een ander niveau?

Nadenkend over de opmerking van meneer Rinnooy Kan en ook zeker wetend dat er voldoende ondernemende mensen zijn ontwikkelde ik een iets andere theorie. Stel je nu eens voor dat we in Nederland op slot zitten, in een impasse zitten. Eigenlijk hebben we alles al, op materieel en immaterieel gebied. We zijn gemiddeld ‘gelukkig’ zo meldt het CPB. Van de 4e televisie in huis of plannen voor de derde vakantie dit jaar raken we niet meer opgewonden. Tegelijkertijd zijn er ook allerlei onduidelijke dreigingen. Terrorisme, banenverlies, burn outs, agressie in de samenleving, pure eenzaamheid en zo voort. De kosten van de samenleving nemen duizelingwekkende vormen aan. De overheid doet haar uiterste best de burger weer verantwoordelijk te maken. En uitzicht op een oplossing is er voorlopig niet. Je zou kunnen stellen dat we genoeg hebben van het steeds maar meer van het zelfde te moeten produceren, terwijl de welzijnsbeleving in een gestaag tempo afneemt.

 

Cabaretiers, hiphop zangers, rappers, kunstenaars, acteurs proberen ons al een hele tijd te vertellen wat zij beleven en meemaken. Een volkje dat redelijk chagrijnig kan zijn, meer op rechten dan op plichten gericht, individualistisch en weinig sociaal. Het kunnen ook de verschijnselen zijn die ontstaan als een groep geen echte bestaansreden meer heeft. Je ziet dan vaak dat er gemillimeterd wordt en dat mensen in de groep snel geïrriteerd zijn. In zo’n situatie gaan de leden van een groep elkaar overtuigen van onbetrokkenheid en incompetentie. Projectie van de eigen belevingen op de ander. Ook is er dan vaak sprake van het gerommel in de marge syndroom. Zou het zo kunnen zijn dat we dat op nationaal niveau nu ook waarnemen?

 

Als het antwoord op die vraag ja is betekent het dat er behoefte is aan nieuwe uitdagingen en het opnieuw ordenen van de dingen die we doen. In plaats van een pseudo samenleving waarin onverschilligheid hoogtij viert zou je kunnen denken aan echt functionerende communities waar aandacht en verbondenheid hoog in het vaandel staan. Misschien wel de kleinschaligheid waarover Schumacher lang geleden al schreef, zonder terug te willen naar vervlogen tijden van vroeger. Nee, nieuwe vormen van samen leven die in deze tijd passen. Het voorbeeld volgen van Butan vlak bij Tibet waar men probeert de voortgang te meten in termen van Bruto Nationaal Geluk in plaats van het Bruto Nationaal Produkt. Wellicht luiden we dan nu eindelijk het einde van de consumptie maatschappij in en gaan we gezamenlijk op zoek naar samenlevingsoplossingen in een wereld die daar in toenemende mate behoefte aan heeft. Het zou maar zo kunnen dat het exporteren van dat soort oplossingen de nieuwe handel van Nederland wordt. Ook zouden we kunnen kijken naar de expert positie die Nederland heeft in de agrarische wetenschappen. Het zou maar zo kunnen dat we in Nederland aan de slag moeten om de wereld voedsel problemen op te lossen. Waarom niet?

 

Ik ben een aanhanger van de theorie dat de context of de situatie de meest bepalende factor is in de wijze waarop gedrag tot stand komt. Ik zie het bijna elke dag. Mensen die worden afgeschilderd als lusteloos, weinig creatief of onbetrokken worden in een dynamische, energierijke workshop ineens daadkrachtig, innovatief en werken als teams samen. Dit zouden we vaker moeten hebben zeggen de betrokkenen dan meestal achteraf. Dat geeft me te denken. Hoe zitten werksituaties en leefsituaties in het dagelijkse gebeuren dan in elkaar? Op welke manier zitten we elkaar in de weg? Hoe reageren we op mensen die verbeteringen en vernieuwingen proberen te realiseren? Hoeveel contact hebben we eigenlijk met onszelf en de anderen? Luisteren we wel echt goed naar ons zelf?

 

In hoeverre Nederland BV inderdaad van de leg is geraakt onder invloed van het Amerikaanse bedrijfsmodel en management denken weet ik niet? En in hoeverre de onderzoeken door de Gallup organisatie en bijvoorbeeld de stellingen geponeerd in het boek ‘Good to Great’ kloppen, weet ik ook niet. Zij suggereren dat de organisaties die niet mee doen aan allerlei hypes en shareholder bevredigingen en korte termijn denken zich veel beter weten te positioneren en relevant betere bedrijfsresultaten weten te produceren. En dat terwijl de personele indicatoren (verloop, verzuim, productiviteit, etc.) er beduidend beter uitzien. Dat wat beschreven wordt in ‘Good to Great’, maar ook door Donald Kalff, kenmerken kunnen zijn van wat tegenwoordig het Rijnlandse model of het Europese model. Evolutionaire bedrijfsontwikkeling, aandacht voor sociale cohesie en bedrijfswaarden, promotie van binnen uit, common sense interventies gericht op efficiency verbetering, stevig en consistent leiderschap, collectieve verantwoordelijkheden en bovenal aandacht voor stakeholder value en een langere termijn visie. Ik weet wel dat het Europese model steeds meer mensen aanspreekt. Iets wat mij niet bevreemd aangezien het veeleer de kenmerken van een feminiene cultuur zijn. En volgens Hofstede en Trompenaars is Nederland zo’n cultuur.


pagina 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6

reacties

uw reactie op dit artikel