U heeft een oude browser (d.i. bladerprogramma). Deze website is slechts geschikt voor de laatste generatie browsers. Update uw browser of gebruik een andere browser.
Logo
 
  spotlight

Bewegende Beelden Festival, 11 April 2010



Lees meer over Bewegende Beelden Festival, 11 April 2010

Boek Bewegende Beelden

Boek Bewegende Beelden

Lees meer over Boek Bewegende Beelden
 
De ProfessorCaroline van Wijk
 
groepArtikelenoverzicht
datum01 sept 06 (update)
auteurCaroline van Wijk
gelezengelezen (4296)
reactiesreacties (2)

tekstgrootteaaa | AAA

printversie

 

De dag waarop ik ontslagen werd en Else me vertelde dat ik haar verveelde, was het voorjaar blasé geworden en veroorloofde zich de ene warme dag na de andere, zodat ik het niet nodig vond om mijn geld aan hotels uit te geven. Het went snel.

 

Gisteren gebeurde er iets vreemds. Ik was nog wakker, toen ik iemand de Maastunnel in zag lopen. Onderhoudswerk dacht ik eerst, dat doen ze altijd 's nachts. Maar vannacht zag ik het weer en het zijn geen mannen met oranje veiligheidsvesten. Ik hoor ze in het voorbijgaan discussiëren en houd wijselijk mijn ogen dicht. De ene sist zo hard dat hij het beter had kunnen schreeuwen:

'Je kan 'm daar toch niet laten liggen? Zo zijn wij toch ook begonnen? Stel dat de Professor ons had laten liggen? Als hij niet wil kan hij altijd nog terug.'

'Ja, helemaal mooi,' bromt de ander zonder moeite te fluisteren maar zachter dan de eerste, 'straks verraadt hij de boel. We kennen hem toch niet? Stel je voor dat het een undercover is?'

Ik voel een voet tegen mijn schouder duwen. Het is geen schoppen, maar het is ook niet zachtzinnig. Nu kan ik mij niet meer slapende houden, sla mijn ogen op en kijk recht in een grauw gezicht met waterige lichtblauwe ogen, omlijst met witblond haar: boven kalende plukken, onder een vlassig baardje. Een mond waarin paar tanden missen. Hij draagt een legergroene loden jas en zonder zich te bukken roept hij 'Opstaan!' tegen me.

 

Tussen de beide mannen in word ik bij de Professor gebracht. Ik stelde me een professor altijd voor als een magere man met lange vingers en grijze haren die alle kanten op staan (ik geloof dat Einstein persoonlijk heeft bijgedragen aan dit beeld). Kleine priemende ogen en een lange jas met tovenaar-ambities. Precies zo ziet de Professor eruit. Hij zit op een troon van schroot maar het slechte licht geeft het een geel-bruine glans waardoor het goud lijkt. 'Een nieuwe leerling?' kraakt zijn stem vriendelijk. Mijn begeleiders knikken.

'Hoe heet hij?' Op die vraag kijkt de donkere mij voor het eerst echt aan. Zijn ogen nemen mij de maat van mijn kapotte schoenen tot mijn ongewassen haar en hij concludeert: 'De Man.' Ik ben niet ontevreden met deze titel. Het klinkt heldhaftig en niet stigmatiserend en zo blijf ik verder anoniem.

'Welkom.' bevestigt de Professor. 'Wijs hem zijn plaats.' Pardon? Maar mijn begeleiders hebben me al meegetroond naar de deur en brengen me door een ingewikkeld gangenstelsel naar een lege kamer. Er ligt een bed van kartonnen dozen in de hoek en er brandt licht.

'Dit is je plaats.' zegt de blonde en wijst nog eens nadrukkelijk naar het karton.

'We komen je halen voor het college.' vult de ander aan.

Ze sluiten de deur achter me. Zodra hun voetstappen verstomd zijn, probeer ik de deur. Die is niet op slot. Gerustgesteld sluit ik hem weer en kijk mijn 'plaats' rond. Het houdt het midden tussen een hol en een kelder. Zou het onder de Maas liggen of al onder één van de oevers? Wat gebeurt er als het gaat lekken? Ik voel met mijn hand over de muur. Het is vochtig, klei-achtig, maar het karton van mijn bed is zacht en droog. Zonder moeite hervat ik mijn slaap die de mannen zo ruw onderbraken en wordt paar uur later verkwikt wakker, zonder stramme ledematen.


pagina 1 | 2 | 3 | 4 | 5

reacties

uw reactie op dit artikel